‘Moes’ en de 4000 kilo

Een paar keer per maand horen we van cokevangsten in de haven van Rotterdam. Of voor de kust. Dat zijn de transporten die worden onderschept. Maar het is een marginaal deel van wat succesvol naar binnen wordt gesmokkeld. En die partijen maken van jonge criminelen echte ‘cocaïne-cowboys‘.

Coke in overvloed
Coke in overvloed

Er circuleert een spannend verhaal in het criminele circuit. Het verhaal van de 4000 kilo. Een geslaagd transport. Klaas Bruinsma had zijn Grote Berg van hasj, overigens een mislukt transport, maar dit mag met recht de Witte Berg genoemd worden.

De man achter de partij die dit voorjaar naar binnen werd gehengeld, zou een ‘Mocro’ zijn: een Nederlander met een Marokkaanse achtergrond en de roepnaam ‘Moes’. Tot voor kort had hij een nachtclub ergens in het westen van het land. Na een paar kleinere transporten was het nu eens goed raak. In één klap werd de groep rond de ambitieuze gangster miljoenen euro’s rijker.

Reden genoeg voor een feestje. Met flessen champagne en vuurwerk in de club. De dames die in de zaak werken kregen een fraaie Gucci-tas of een ander presentje. Nu is de club er niet meer. Misschien hebben de activiteiten van ‘Moes’ en zijn crew er wel mee te maken. De overheid vond het geen goed plan dat de tent nog langer openbleef.

Moes is zo hard aan het groeien, dat in het criminele circuit al wordt voorspeld dat er gedoe komt. Een clash met de gevestigde orde binnen de Mocro-cokebazen.

Zoals Moes zijn er vele andere jonge criminelen met vaak een Marokkaanse achtergrond die snel groeiden sinds ongeveer 2010. Ze begonnen coke over de oude hasjlijnen via Marokko en Spanje te pompen en verdienden miljoenen tot tientallen miljoenen euro’s. Ruzie resulteerde in de Mocro-oorlog met zo’n 20 tot 25 liquidaties. En die oorlog is nog lang niet voorbij.

Het lijkt een beetje op Medellin de jaren zeventig en tachtig. ‘Los Magicos’ noemden ze de drugsdealers die ineens rondliepen in dure pakken en rondreden in peperdure auto’s. Ze smeten met geld. Maar waar zij hun geld investeerden en witwasten in hun eigen land, doen de cocaïne-cowboys van nu dat in Spanje, Dubai en Marokko.

Het topsegment van de cokecriminelen verblijft ook in die landen. Ook de man die De Telegraaf naar voren schoof als de Man van tien miljoen zou hier zitten. Ze zijn onaantastbaar. Met goed financieel onderzoek zouden politie en justitie vermogen kunnen afpakken en deze criminelen hard raken, maar de landen waar het geld zit werken niet mee. En bovendien kost gedegen financieel onderzoek te veel tijd. En tijd en capaciteit zijn er niet bij politie en justitie.

Moes is zo’n voorbeeld van een onaantastbare cocaïnebaron. Hij lacht de politie hard uit. Steekt zijn middelvinger op naar de opsporingsinstanties. En hij heeft gelijk vanuit zijn oogpunt: want hij wordt ongemoeid gelaten.

Ik vraag me wel eens af. Als wij als journalisten dit soort specifieke informatie horen, weet de politie dit dan niet? Hoe zit het met de informatiepositie van de recherche? Of is er gewoon geen capaciteit om dit soort criminelen aan te pakken?

In dit specifieke geval beschikt de politie overigens wel over info. Het is een raadsel waarom er niets gebeurt. Het zal wel te lastig zijn.

Eggermont: een vergismoord
Eggermont: een vergismoord

Sinds juli ben ik acht keer gebeld door ondernemers of advocaten van ondernemers met verhalen over bedreigingen die coke-gerelatereerd zijn.  De eigenaar van een fruitbedrijf die met de dood bedreigd is omdat er een partij coke uit een container van zijn bedrijf verdween of een ondernemer die onder druk wordt gezet om mee te werken aan de opzet van een cocaïnelijn.

Deze signalen staan nog los van de vele liquidaties in het cokemilieu. En die vetes kostten in twee jaar tijd aan zeker zes volstrekt onschuldige mensen het leven: het waren ‘vergisliquidaties’.  De smokkel van coke krijgt steeds meer grip op de maatschappij. Maar de aanpak rammelt.

m.van.wely@telegraaf.nl

Dossier 13Aker: de liquidatie van Belhadj

‘Je moet mij zien als een informant. Eenmalig’, zegt Abderrahim Belhadj (29) op 19 november 2015 tegen een koppel rechercheurs van het liquidatieonderzoek 26Koper. Precies een half jaar later wordt de crimineel geliquideerd in de flat Kikkenstein in Amsterdam. Een bloemlezing uit zijn uiterst vertrouwelijke verklaringen.

belhadjOp 9 mei 2016 horen bewoners van de flat Kikkenstein in Amsterdam Zuidoost rond half zes in de ochtend harde knallen. Ze treffen dan de ernstige gewonde Rotterdammer Abderrahim ‘Appie’ Belhadj aan de op de grond en bellen de politie. Reanimatie helpt niet meer: Belhadj sterft. En Amsterdam heeft er weer een liquidatie bij.

Het onderzoek van het Team Grootschalige Opsporing (TGO) naar de afrekening krijgt de naam 13Aker. Belhadj blijkt goed bij kas. De rechercheurs vinden tienduizend euro bij hem. Analyse van de kogels en hulzen wijst uit dat Belhadj met een 9 mm vuurwapen is doodgeschoten.

Al snel blijkt dat Belhadj een interessante achtergrond heeft. Belhadj is een van de criminelen die op de ‘dodenlijst’ van de verdachten uit het onderzoek 26Koper stonden. Het betreft het onderzoek naar een groep mannen uit Utrecht en omgeving die betrokken was bij een enorm wapenarsenaal en liquidaties zou voorbereiden. Mogelijk zelfs uitvoeren. De moordservice op wielen, zo noemen we de club in De Telegraaf.

Beelden van Belhadj stonden op een SD-kaart die bij verdachten thuis waren gevonden. Hij was gefilmd bij de McDonalds in Nieuwegein, samen met een vriend. Dat de verdachten de kaart zo lieten rondslingeren is oliedom. Maar dat ook nog eens twee andere verdachten zijn te horen op de gegevensdrager, is al helemaal niet te vatten.

De politie benadert alle personen op de kaart: wie zijn de criminelen en waarom werden ze geobserveerd? Belhadj wordt op 20 oktober in Rotterdam gehoord door rechercheurs van de Landelijke Eenheid, zo blijkt uiterst vertrouwelijke stukken.

‘Ik kom er nu achter, dat ik bepaalde mensen ken, die mij iets ernstigs willen aan doen, dan trek ik mijn mond open (NB: letterlijke weergave, dus soms slecht lopende zinnen)’, zegt Belhadj tegen het koppel rechercheurs. Belhadj is bang.

Schutters 2
De schutter

‘Dit komt natuurlijk wel op papier, uiteindelijk wordt dit uitgewerkt. Er kunnen misschien ook dingen zijn, eigenlijk zou ik het wel willen zeggen, maar ik wil het niet op papier’, laat hij weten.

‘Dan zouden we nog even met de officier kunnen overleggen om te kijken of er ander manieren zijn, dat het naar boven komt, zonder dat het vastgelegd wordt’, zegt een van de rechercheurs.

Belhadj: ‘Dat ik jullie wijzer maak, zonder dat mijn naam op papier komt.’
Rechercheur: ‘Precies. Dan moet we met de officier overleggen of dat mogelijk is. Maar dan kan je je er voor jezelf alvast over nadenken.’

De rechercheurs willen weten of Belhadj enig idee heeft wie hem op de korrel heeft en waarom. Ze stellen vragen over de moord op Rucienne ‘Poporois’ Caupain, een man die in maart 2014 in Amsterdam werd vermoord. Caupain was een maatje van Belhadj. Ook Jason (JayJay) D. komt ter sprake. Hij was kort verdachte van de moord op Caupain.

Het gaat over conflicten en verhoudingen in de onderwereld. Over Marokkanen, Antillianen. Over ‘rippers’ en topcriminelen als Gwenette Martha. En over boze Colombianen.

Op 4 november volgt een tweede ontmoeting. De rechercheurs zeggen tegen Belhadj dat ze vermoeden dat iemand in zijn omgeving hem gelokt heeft: ‘weggetipt’ heeft aan de partij die Belhadj kennelijk wilden pakken. Dan praten de drie over het onderzoek 26Koper. Belhadj weet precies waar het over gaat.

Belhadj: ‘Dat is echt andere shit. Die mensen hebben geen geweten, dan heb je geen gevoel. Het is of geld of dood. Ook bij die criminelen in Amsterdam enzo, staatsliedenbuurt, daar heb ik ook veel van gelezen. Terwijl het niet echt in onze genen zit. Marokkanen kunnen heel veel dingen. Ze zijn goed in allerlei dingen. Dit is echt iets nieuws.’ Dan eindigt het gesprek.

nieuwegein wapens
De wapens van 26Koper

Op 19 november volgt een nieuwe ontmoeting, ’s avonds om acht uur in Rotterdam. Het is verreweg het meest brisante verhoor. ‘Ik wil wel wat dingen zeggen Maar zonder dat ding.’ De getuige wijst naar de opnameapparatuur. ‘Dat wordt lastig’, zegt de rechercheur. Het gesprek laat duidelijk zien dat het 26Koper-team jaagt op de personen die aan de touwtjes trekken: de laag boven de verdachten die al zijn opgepakt.

‘Dat is voor ons belangrijk. Wij willen gewoon de mensen aanhouden, die jou dit wilden aandoen. Dat is hetgeen dat wij willen. Niks meer en niks minder’, zegt een rechercheur. Dan zegt Belhadj: ‘Dat is ook wat ik wil. Maar op het moment dat ik ga praten, wil ik dingen zeggen, die jullie gewoon helpt. Ik help jullie bewijstechnisch, that is it, maar ik wil het niet op papier, niks.’

Volgens Belhadj hebben ze hem in het vizier omdat ‘er niet betaald is in het buitenland’. ‘Ik ben verantwoordelijk’, licht de Rotterdammer toe. De rechercheurs dringen er bij Belhadj flink op aan.

‘Eigenlijk zeg jij concreet zeg maar dat je, dat er iets mis is gegaan qua betalingen en dat jij denkt dat degene mogelijk de opdrachtgever is om jou te liquideren. En je wilt vertellen wie dat is, alleen niet met dat ding aan. Niet op papier. Dus wat ik kan doen, is heel even overleggen met de teamleiding en dan kunnen we kijken hoe we daar een mouw aan kunnen passen. En, wie weet zegt zij wel dat het niet anders kan dan dat het daar op gaat en dan gebeurt het niet en anders dan horen wij de mogelijkheid hoe we wel ” . ….. Dan is het voor iedereen duidelijk voor Ab en dan is het duidelijk voor ons. Dan is het voor iedereen duidelijk.’

Belhadj is extreem voorzichtig: ‘Ik kan je meegeven, dit zijn geen kleine jongens. Dit is totaal geen kleine jongen. Echt, geen kleine…..Het is zelfs in jouw geest, dat je bedenkt een grote jongen, maar dan nog groter dan groter.’ De Rotterdammer zegt dan open te staan voor een getuigenbeschermingsprogramma. Het gesprek wordt beëindigd.

Op 25 november zal Belhadj de verklaring van 19 november gaan ondertekenen. Maar hij trekt zich terug. De Rotterdammer vreest voor zijn leven. Een half jaar later blijkt dat de vrees niet onterecht is. De grote vraag is: heeft Belhadj uiteindelijk namen genoemd? En zijn het dezelfde namen als getuige Ebrahim B. heeft genoemd: T. en B. El H. uit Utrecht?

Het onderzoek naar de moord op Belhadj is nog in volle gang. Naar verluid zijn er parallellen met het onderzoek naar de onthoofding van Nabil Amzieb en andere liquidaties in de Mocro-oorlog. Of er inderdaad verbanden zijn, moet nog blijken.

(Martin Kok heeft een foto van T. ‘De Neus’ op Vlinderscrime)

Mick van Wely

TIPS? m.van.wely@telegraaf.nl)

(Info graag alleen gebruiken met bronvermelding)

 

 

 

Boek Levenslang: met korting, krabbel of lezing!

Wilt u alles weten over de zwaarste straf van Nederland, levenslang? Koop het boek Levenslang, de straf en de daders van Mick  van Wely nu met flinke korting en een persoonlijke noot.

LevenslangDe straf levenslang voor de zwaarste misdaden en de gevaarlijkste killers in Nederland staat weer volop ter discussie. Er is sprake van de invoering van een tussentijdse toets die vervroegde vrijlating mogelijk moet maken. Rechters zijn terughoudend om de straf der straffen op te leggen. Want: levenslang is ons land nog steeds levenslang. En daar is Nederland herhaaldelijk voor de op vingers getikt. Nabestaanden morren: hoe kan het dat de moordenaar van hun dierbare straks een tweede kans krijgt? Hun was toch levenslang beloofd?

Het boek Levenslang bestaat uit razend spannende verhalen en behandelt de geschiedenis van de straf. Alle aspecten van de straf komen aan bod en alle zaken sinds de invoering van levenslang in 1870 staan in het boek beschreven.  Het boek is nu voor 15 euro te krijgen met een persoonlijk noot van de auteur.

Bij de aanschaf van tien boeken krijgen geïnteresseerden een gratis lezing: met de laatste ontwikkelingen op het gebied van levenslang. Leuk voor een dispuut of studentenhuis! Stuur een mail naar: m.van.wely@telegraaf.nl voor nadere info.

Lees hier recensies en passages.

Intelligent bekeuren

Bellen en whatsappen in het verkeer is gevaarlijk. Ik heb in de rechtszaal in Assen eens ouders van een doodgereden vrouw zien huilen. Ze verloren hun dochter omdat een malloot achter haar bijna een uur non-stop appte en zo bovenop haar knalde. Er gelden regels voor telefoongebruik in de auto. Maar de manier waarop ze worden toegepast slaat soms nergens op.

Ik kreeg dinsdagmiddag een bon voor een tele-overtreding in de auto. Dat is de basis voor deze column. Boetes zijn vervelend, maar zeker als je ze incalculeert geen probleem.

Een keer zonder handsfree-set bellen op een verlaten landweg en bekeurd worden? Eigen schuld. Een keer een prent krijgen vanwege bewust te hard rijden in verband met haast? Ingecalculeerd bedrijfsrisico. Vervelend wordt het als een politieman op basis van laakbare gronden een bekeuring uitschrijft.

Dinsdag reed ik de ring van Amsterdam op. Ik heb een handsfree-set, dus bellen met de telefoon aan mijn oor is niet nodig. Wil ik ook niet op zo’n plek, want gevaarlijk. Er zijn twee seconden dat ik mijn telefoon aanraakte: met mijn rechterhand stopte ik het stekkertje van de lader in de achterkant van mijn mobiel. Ik keek of de stekker erin zat en dat was het.

Een politieagent op een motor links van me wees naar me (daarbij niet lettend op het verkeer voor hem) en begeleidde me naar een parkeerplaats. Hij stelde zich netjes voor, ik ook. De reden voor het meenemen was het vasthouden van mijn telefoon. ,,Heeft u mij zien bellen of bezig gezien op de telefoon?” , vroeg ik, daarbij bewust lettend op mijn toon. Nee, dat had hij niet. Ik heb meteen de telefoon overhandigd en hem dat ook laten zien ter controle.

De agent was al driftig aan het noteren. Ik heb hem gevraagd, dat het toch opmerkelijk is dat je wel een broodje of een banaan mag pakken en bekijken, terwijl een stekkertje inpluggen verboden is. ,,Een telefoon vasthouden is nou eenmaal verboden. Regels zijn regels”, zei de man.

Een intelligente politieman heeft mij een keer uitgelegd dat er een verschil is tussen het klakkeloos toepassen van regels en het zelf analyseren van de manier waarop deze regels worden overtreden en dan daarop acteren. Dat was tijdens een ritje met de verkeerspolitie, voor een reportage voor de krant.

Leg eens uit, vroeg ik.

De politieagent vertelde dat je pas een bon geeft als je goed kunt zien dat iemand ‘echt aan het bellen is of langere tijd druk is met zijn telefoon. Het liefst moet de bestuurder nog slingeren ook en is zijn gedrag gevaarzettend. Als je de prent voor minder geeft, zo zei hij, dan ben je gewoon ‘een eikel’. Je geeft hoogstens een waarschuwing.

Lijkt me een gezonde opstelling. Ik geef de kwalificatie ‘eikel’ niet aan de motoragent die mij bekeurde, maar hij zou die dus volgens zijn collega wel verdienen.

Het is een kulredenering, als een agent bij zoiets zegt: dat zijn nou eenmaal de regels. Het is exact, maar dan ook exact hetzelfde principe als ‘befehl is befehl’. Er zijn uitzonderingen. Vol door rood licht? Geen excuus. 160 geklokt? Bon! Maar dat is andere koek. Die overtredingen zijn absoluut.

Ieder mens die er op toeziet dat regels worden nageleefd, moet die regels in zijn hoofd in een mixer gooien en daaraan de volgende ingrediënten toevoegen: gezond verstand, redelijkheid en inlevingsvermogen.

Degene die dit niet automatisch doet, beschikt over onvoldoende verstandelijke vermogen. Degene die over onvoldoende verstandelijk vermogen en vooral sociale intelligentie beschikt, mag niet bij de politie werken.

,,Ik snap met de beste wil van de wereld niet dat u nu een bon geeft. Ik zou er geen lekker gevoel bij hebben”, zei ik rustig. Agent: ,,U heeft nu een grens bereikt.” Die reactie duidt op vooringenomenheid. Hij heeft al een verkeerde houding. Ik heb gezegd dat ik er maar misschien maar een column over schrijf, omdat ik het een zorgelijk voorval vind.

Hij gaf spontaan zijn naam en stamnummer. ,,Dat lijkt me niet handig voor uw veiligheid als ik dat publiceer”. Agent: maakt me niks uit. Natuurlijk publiceer ik naam en stamnummer niet. Waarom zou ik? Het gaat me niet op de persoon, maar om het fenomeen.

En dat fenomeen is zorgelijk.  De politie staat onder druk. Door bezuinigingen, integriteitskwesties en optredens die momenteel ontzettend onder het vergrootglas worden gehouden. Het imago van de politie staat op het spel: de organisatie dreigt het respect en gezag te verliezen. Voor dat laatste is deze agent met zijn onredelijkheid honderd procent medeverantwoordelijk. Dit gedrag draagt bij aan het negatieve imago van de politieman.

De overheid moet nog eens goed kijken naar de regels rond mobiel bellen in de auto, Met vooral dit in het achterhoofd: hoe is het mogelijk dat je wel een banaan mag pakken tijdens het rijden en niet een stekkertje in je telefoon mag stoppen?

En oh ja: die 250 euro interesseert me niet. Ik vind het een prima prijs voor een stevige discussie over dit onderwerp.

Ik nodig de bewuste agent uit voor een reactie hieronder. Krijgt hij alle ruimte voor. Een inzending van een chef of voorlichter wordt niet geplaatst..

‘Stip’ en de Uitbener

In de NRC stond zaterdag een verhaal over de onopgeloste, Rotterdamse prostitutiemoorden.  Zonder nieuws overigens: al in 2013 was bekend dat zeer waarschijnlijk één persoon verantwoordelijk zou zijn voor vijf gruwelijke moorden eind vorige eeuw. Het moet iemand geweest zijn die knettergek was en handig met messen. Types als  ‘Stip’ en ‘de Uitbener’.

In 2013 ontdekte het cold case team Rotterdam dat er bij vijf prostitutiemoorden in Rotterdam overeenkomsten waren tussen de manier waarop de vrouwen gedood, of liever gezegd geslacht waren. Met dat nieuws kwamen destijds Dagblad van het Noorden en Nieuwsuur.

Het jaar erop bleek er technische ondersteuning voor de theorie: niet alleen dus overeenkomsten qua werkwijze van de dader en omstandigheden waaronder de vrouwen waren aangetroffen, maar ook wat betreft sporen. Het wachten is nu op echt nieuws in dit ongelooflijk spannende onderzoek, namelijk de aanhouding van een verdachte.

In de jaren negentig had Groningen een nare reputatie. Het aantal onopgeloste moorden groeide gestaag. Veel van deze cold cases waren prostitutiemoorden.

willem van e
Willem van Eijk

De recherche arresteerde in november 2001 Willem van Eijk: het Beest van Harkstede. De ex-tbs’er die in de jaren zeventig twee vrouwen had vermoord, kon het moorden niet laten. Hij werd voor drie prostitutiemoorden veroordeeld tot levenslang.

‘Gekke Willem’ (zie foto) wordt in augustus 75 en is daarmee een van de oudste tot levenslang veroordeelde gedetineerden. Recordhouder qua levensjaren is Juan Nuri, die zijn ex doodschoot in een kapsalon in Gilze-Rijen in 1997. Hij is 77. Voor het boek Levenslang sprak ik hem in 2013. ‘Ik hoef er niet meer uit. Ik woon hier. Dit is mijn huis’, zei hij over zijn leven ‘binnen’.

De dag dat forensisch specialisten op het terrein rond de boerderij van Van Eijk in Harkstede zochten naar menselijke resten, was ongekend spannend. Met een verrekijker kon je vanaf de dijk aan de roeibaan het graafwerk van een afstand goed zien.

bont romp
De romp van Bont

Drie zaken opgelost dus met de veroordeling van de hooibergbouwer, maar andere bleven ‘koud’. Zoals de moord op de prostituee Antoinette Bont uit Groningen. Eind 1995 werden haar romp in een kanaal in Groningen en haar ledematen in een stroompje in Drenthe gevonden. Ze was opvallend goed in stukken gehakt, concludeerde de recherche. Er waren zelfs een soort proefsneden gemaakt. Alsof iemand echt kennis van zaken had. De moord is nooit opgelost.

In het prostitutiecircuit dook de naam op van een man die als levensgevaarlijk werd omschreven. Een gek. Een ex-tbs’er die zeer gewelddadige kon zijn en eerder zijn ex-vrouw in brand had gestoken. Zijn bijnaam was ‘Stip’.

Geen vergezochte bijnaam. Op zijn voorhoofd prijkte een grote rode stip. Midden jaren negentig was hij dakloos en hing rond in Groningen. Stip had een maat die uitbener was: de man werkte in slachterijen en was ook fervent bezoeker van straathoeren. Nog steeds komen mails binnen over deze twee.

Harry Roo

‘Stip’ komt voor in een moorddossier. Nog een gruwelijke moord die opvallend veel overeenkomsten had met de zaak Bont. De moord op de Groninger coffeeshophouder Harry Roo. Ook zijn in stukken gehakte lichaamsdelen doken op in wateren in augustus 1995. Bij het verpakken was hetzelfde rode touw gebruikt. De oud-compagnon van Roo, Henk E. ,werd opgepakt en veroordeeld voor de moord. Maar nog altijd houdt de recherche er rekening mee dat iemand anders het lijk van Roo in stukken hakte.

Diepgaand en langdurig onderzoek in de afgelopen vijf (!) jaar naar meer overeenkomsten tussen de moorden op Roo en Bont leverde niets op. Dat was relevant, want als de twee op dezelfde wijze aan stukken waren gehakt of gesneden, dan zou de moord op Bont alsnog opgelost kunnen worden.

Afgelopen week hoorde ik het teleurstellende bericht van het OM Noord-Nederland: zaak gesloten. Het onderzoek is afgerond zonder resultaat.

Terug naar Stip. De man die vaste bezoeker was van tippelaarsters in Groningen, Den Haag en Rotterdam was korte tijd verdachte van de moord op Roo. In het dossier van de zaak Roo staan bijzondere passages over de man. Hij zou een groot bedrag hebben gekregen voor het in stukken hakken van het lichaam van Roo en verkast zijn naar Zuid-Amerika.

Iemand suggereerde dat de moordenaars van Roo na het afmaken van de coffeeshophouder met de centen die ze als beloning kregen, een feestje bouwden met een hoer. Deze prostituee, Bont, zou daarna om wat voor reden dan ook vermoord zijn door een van hen of alle twee.

Leden van het Rotterdamse cold case team bezochten een paar jaar geleden hun collega’s in het Noorden. Ze waren er voor de zaak Bont. Was er dan toch een mogelijke link met de moorden in Rotterdam?

Ik moest weer denken aan Stip en de uitbener toen ik werd gewezen op het verhaal in de NRC zaterdag. De vrouwen waren zwaar bewerkt met messen. Uitbeenmessen en kartelmessen die in slachterijen worden gebruikt.

Zou Stip of zijn maat met de moorden te maken kunnen hebben gehad? Het is puur gissen, er is namelijk geen enkele aanwijzing voor. Tussen de bezoekers die drugsverslaafde en weinig aantrekkelijke tippelaarsters bezoeken zitten veel aparte vogels.

Stip is inmiddels dood. Koos de G. was zijn echte naam. Of de uitbener nog leeft weet ik niet. Misschien heeft het cold case team in Rotterdam ooit wel eens gekeken naar de twee. Het zou geweldig zijn als bijna 30 jaar na de gruwelijke moorden in Rotterdam de moordenaar alsnog wordt gepakt. Het siert de club rechercheurs dat ze zoveel tijd in het onderzoek steken. Ik zou thuis een fles champagne opentrekken bij een aanhouding.

Ligt de moordenaar misschien op het kerkhof? Dat kan heel goed. Ook dan zou je na een dna-match een streep kunnen zetten door de gruwelijke vijf. Ik gok op een doorbraak. Dit jaar nog.

Tips? Mail naar m.van.wely@telegraaf.nl

 

 

De geheimzinnige Naoufal F.

Er hangt een zweem van geheimzinnigheid om hem heen. Weinig is over de Amsterdammer bekend. Maar vandaag kreeg Naoufal F., bijnaam Noffel, ineens naast een gezicht ook een stem. De man die lange tijd verdachte was in de zaak van de dubbele liquidatie in de Staatsliedenbuurt (2012), sprak vanuit een Ierse rechtbank.

Weinig journalisten komen op de druilerige maandagmorgen naar het Paleis van Justitie aan het IJdok in Amsterdam. Op het programma staat een getuigenverhoor. Het sujet dat gehoord wordt is Naoufal F., een 35-jarige Amsterdammer. F zit niet in de zittingszaal, maar in Ierland. Ierland?

noffelDat zit zo. Op 7 april deed de Ierse politie een inval in een pand in Dublin dat toe zou behoren aan de beruchte Ierse maffiaclan, de Kinahans. Een club die een vete uitvecht met de Hutch-bende. En bij die vete horen liquidaties. Net als bij de vete in de Mocro-oorlog, waarin ook voor ‘Noffel’ een rol zou zijn weggelegd. Om het nog lastiger te maken: ook tussen de Kinahan-clan en spelers uit de Mocro-oorlog zou een link zijn. De Ieren worden door de politie als grote spelers op de Europese drugsmarkt genoemd.

Vier levens kostte de vete tussen de Ierse bendes in de afgelopen maanden. In februari werd een lid van de Kinahan-clan geliquideerd in het Regency-hotel in Dublin. De recherche in Ierland doet onderzoek naar de rol van F. die illegaal Ierland binnenkwam met valse documenten. Voor deze feiten zit hij vast in Dublin.

Om elf uur legt een technicus van het Hof contact met de rechtbank in Ierland. Dat gaat moeizaam. Maar na enige pogingen verschijnt een grijze man in beeld. Het accent van de rechter is onvervalst Iers. Dan prijkt ineens het gezicht van Naoufal op het scherm. Een grote man van Marokkaanse afkomst, met gemillimeterd haar en een bol hoofd. In het Engels legt hij de eed af: hij zweert op de Koran want, zo zegt hij, hij is moslim.

Wie is Noffel?

In het criminele circuit en door betrokkenen bij onderzoeken naar liquidaties in het Mocro-milieu praat men met ontzag en voorzichtig over ‘Noffel’. De Beul van Martha wordt hij genoemd. De inmiddels geliquideerde Gwenette Martha zou achter de afrekening in de Staatsliedenbuurt hebben gezeten. Naoufal zou voor hen werken. Hij was dan ook verdachte in de zaak, maar het OM kreeg het bewijs niet rond.

Meedogenloos en levensgevaarlijk, zo staat hij bekend. Hij zou meer weten van liquidaties in de Amsterdamse onderwereld. Een bezoeker van een site op internet noemt hem smalend ‘hangbuikzwijn’. Recente veroordelingen heeft F. niet achter zijn naam staan. Zijn advocaat Inez Weski moet er een beetje om lachen. ‘Ja, er gaan wilde verhalen over hem de ronde. Maar concreet zijn ze niet’, zegt ze bij de zittingszaal aan het IJdok.

Weski bevestigt voorafgaand aan de zitting de tip, dat het OM om de overlevering van F. heeft gevraagd. Hij wordt met ‘een aantal misdrijven’ in verband gebracht, waaronder een knokpartij in Amsterdam in een parkje in 2013.

‘We have lost your sound in Amsterdam’, zegt de grijze magistraat in Ierland. De verbinding hapert. We kunnen een sonde neerzetten op Mars, maar een videoverbinding met Ierland blijkt lastig.

Chaos na de hotelmoord in Dublin
Chaos na de hotelmoord in Dublin

De blauwe ‘patas’ die F. droeg bij zijn arrestatie kosten 800 euro. Daar kan de Ierse rechter wel zes of zeven paar voor kopen. De horloges die hij droeg hadden samen een waarde van meer dan een halve ton. Geld voor een avondje stappen had hij ook: 12000 euro.

Tijdens het getuigenverhoor is F., zoals verwacht, weinig spraakzaam. Hij was niet in de Staatsliedenbuurt toen een regen van kogels Saïd el Yazidi en Youssef Lkhorf velden. Dat wil F. nog wel zeggen. Verder beroept hij zich op zijn verschoningsrecht.

Na een uurtje is het gebeurd. Noffel verdwijnt van het scherm. De Ierse rechter ook. Wat wil het OM met Noffel? Zijn die paar gedateerde misdrijven de werkelijke reden voor het overleveringsverzoek? Of wil het OM Noffel graag hier hebben, in afwachting van een grotere zaak tegen hem? Misschien hoopt het OM wel dat hij de Fred Ros van het Mocro-conflict wordt.

De kans bestaat dat F. straks weer gewoon vrij rondloopt. De mythes rond Noffel blijven in ieder geval bestaan. Al is het alleen al vanwege zijn dure spullen.

Info? m.van.wely@telegraaf.nl

Informatie wordt discreet behandeld

 

Matpartij ‘motorclubs’ met dode

Alle ogen waren deze week gericht op de knokpartij donderdag in het Van der Valk hotel in Rotterdam, tussen leden van de Hells Angels en de Mongols. Een soortgelijk incident vond plaats in Duitsland waarbij wel een dode viel. De achtergrond van dit gevecht is interessant.

Bizar genoeg op dezelfde dag dat Angels en de Mongols op elkaar inbeukten en schoten losten, raakten leden van rivaliserende motorclubs slaags in het Duitse Heidenheim. Ongeveer 690 kilometer van Rotterdam. Op de motor een dagje rijden.

Heidenheim ligt in de deelstaat Baden-Württemberg, dat een zware dobber heeft aan motorbendes. Alleen al in deze deelstaat hebben clubs 83 chapters of clubhuizen. Nergens in Duitsland is de concentratie zo groot. Dit zijn beelden van een eerdere ‘mars’ van de Jackets door Heidenheim. Zo’n optocht van onfrisse types met hesjes kan voor burgers zeer intimiderend zijn.

tribunsEen confrontatie tussen leden van de Black Jackets en de United Tribunes op de openbare weg donderdag in het centrum ontaardde in een schietpartij. Kort na de schietpartij zochten zo’n zestig leden van beide groeperingen elkaar op in Heidenheim. De politie greep in en nam talloze steek- en vuurwapens in beslag bij de leden. Een 29-jarig bendelid dat donderdag werd geraakt, overleed zaterdag.

De Black Jackets en de Tribuns bestaan al enkele jaren in Duitsland. De Jackets hebben ook in Nederland een afdeling, namelijk in Klarenbeek. De meeste leden van deze clubs dragen weliswaar een hesje en noemen zich MC’er, maar rijden geen motor.

Er zijn steeds meer ordinaire straatgangs die zich weliswaar een MC noemen en het uiterlijk hebben van een motorbendelid, maar nog nooit op een ronkende tweewieler hebben gezeten. Hoogstens een brommer of scooter.

(foto: 1Limburg)
(foto: 1Limburg)

Ze gebruiken wel de structuur  van een traditionele MC’s: een gesloten gemeenschap met een streng toelatingsbeleid, en eigen uiterlijke kenmerken. Opvallend is het aantal allochtonen: in Duitsland vormen Koerden en Bosniërs van dit soort gangs. Het zijn criminele groeperingen met belangen in de drugs- en prostitutiewereld. Soms sluiten ze allianties met echte motorclubs als de Angels en de Mongols. Puur spierballenvertoon en om klusjes op te laten knappen.

Openbare confrontaties tussen MC’s zoals die er waren in Rotterdam en Heidenheim zullen vaker in Nederland plaatsvinden. Het aantal groeperingen, MC’s en gangs die zich als zodanig gedragen, groeit en de onderlinge concurrentie wordt heviger.

Zoals de komst van de Bandidos begin 2014 leidde tot een golf aan geweld, zal de expansiedrift van de Mongols ook zeer waarschijnlijk leiden tot confrontaties. De knok- en schietpartij in Rotterdam zal de verhoudingen op scherp hebben gezet.

 

DSI-affaire: klassieke communicatieblunder politie

(zie update onderaan)

Het rommelt binnen de Dienst Speciale Interventies (DSI) van de politie. De mannen van de anti-terreur troepen en arrestatieteams voelen zich niet serieus genomen door leidinggevenden. Een groep van twintig DSI’ers heeft een advocaat in de arm genomen. De onrust is veel breder. De politietop veegt de problematiek onder het tapijt. Een klassieke, oliedomme fout.

DSI’ers zijn zeer loyale en gemotiveerde politiemensen. In de laatste anderhalf jaar groeide de onvrede: over onderbezetting, het compenseren van overuren en over leidinggevenden die ieder initiatief van de werkvloer of vorm van kritiek blokken.

Deze week benaderden DSI’ers mij en de politiek, omdat er niet naar ze geluisterd wordt. De leden van de belangrijkste, meest geheime sectie van de politie hebben een advocaat in de arm genomen en dreigen naar de rechter te stappen.

Ook bronnen binnen de politie die met DSI’ers te maken hebben deden een boekje open. Deze stap is veelzeggend: dat doen ze niet zomaar. Het gaat om gedreven vakmensen. Geen klagers, azijnpissers. Juist in deze tijd van terreurdreiging zouden ze gekoesterd en optimaal bediend moeten worden.

De politiebonden onderschreven deze week de onvrede en onrust zoals beschreven in De Telegraaf. Ook de advocaat van de twintig DSI’ers kreeg zaterdag na een nieuwe publicatie brede steun van de DSI, zo liet Maarten van Gelderen via Twitter weten.

Akerboom (bron: politie.nl)
Akerboom (bron: politie.nl)

De korpsleiding reageerde vrijdag op de klassieke manier: ontkennen, kop in het zand steken. Politiebaas Akerboom had gesprekken gevoerd met DSI’ers, meldde de politietop. Conclusie: er is niets aan de hand. Deze opstelling heeft intern nog meer kwaad bloed gezet.

Hoe gênant voor de korpsleiding en de afdeling persvoorlichting dat een dag na de ontkenning in alle media berichten verschenen over de groep DSI’ers die naar een advocaat was gestapt.

De strategie van de korpsleiding is verschrikkelijk doorzichtig en slecht: de politietop zegt dat er gesprekken zijn gevoerd met leidinggevende binnen de DSI die uiterst tevreden zijn. Natuurlijk! Het zijn deze leidinggevenden tegen wie de boze DSI’sers ageren. En deze chefs weten ook precies wie ze met Akerboom moeten laten praten. Er wordt ook een ‘zij tegen ons’ beeld gecreëerd. De boze journalistiek tegen ‘onze collega’s’.

Ik heb het eerder meegemaakt bij de politie Noord-Nederland. Na een publicatie in Dagblad van het Noorden (vorige werkgever) over een gebrek aan grote zaken die werden aangeleverd aan het Openbaar Ministerie en een tekort aan rechercheurs, zette de korpsleiding een soortgelijke reactie op de eigen website. Strekking: we herkennen ons niet in de berichtgeving.

Twee weken later werd het bericht verwijderd. Een goed gesprek volgde waarin werd erkend dat het bericht niet paste bij de werkelijkheid. En: een opgerichte Taskforce moest de problemen in kaart brengen. Waarom een Taskforce als er niets aan de hand is?

Dezelfde reactie volgde na de Project X rellen in Haren. Ook hier was niets aan de hand. Van fouten was geen sprake. Later werd de politie door de feiten ingehaald. Er was van alles mis. Het siert de eenheid dat later onvolkomenheden wel ruiterlijk zijn toegegeven.

De korpsleiding van de Nationale Politie had vrijdag maar één reactie moeten geven: ja, het klopt dat er intern ontevredenheid is, het klopt dat de bezetting nog niet voldoende is en we gaan onderzoek doen naar geld voor de DSI dat volgens de bonden niet op de juiste plek is beland. Gewoon erkennen en zeggen dat dit niet betekent dat de DSI op z’n gat ligt.

Het is geen schandaal om te erkennen dat zaken soms niet vlekkeloos verlopen en om transparant te zijn.

Maar de politie is nog steeds niet zelfkritisch. De angst voor imagoschade regeert. Verantwoordelijken redeneren dat erkenning eigen falen betekent. Ze houden elkaars handje vast en denken louter aan hun eigen positie.

Dit optreden is uiterst zorgwekkend. Dodelijk voor het imago van de politie. Het laat zien dat de politie nog steeds vooral in de top, verschrikkelijk ouderwets is. Misschien een cursusje doen?

Over een jaar zal er ergens in Nederland een bijeenkomst zijn van politiefunctionarissen en andere partijen zoals communicatie-experts en mensen van justitie. Een evaluatiesessie zoals die er frequent is.

Het persbericht dat deze vrijdag op de politiesite werd gepubliceerd verschijnt dan op een scherm. Conclusie: niet nog een keer doen. Maar een jaar later zal er weer zo’n casus op het scherm prijken.

Mick van Wely

UPDATE Inmiddels is de korpsleiding wat minder stellig over het ontbreken van kritische geluiden. In een brief van minister Van der Steur aan de Kamer staat dat er per direct maatregelen genomen moeten worden wat betreft de DSI.

Liquidatierecord: de complete lijst (update)

Robert Voorhorst
Robert Voorhorst
Robert Voorhorst

In 2014 is een record aantal liquidaties gepleegd. Zeker 22 mannen en één vrouw waren slachtoffer van een afrekening. En dat terwijl er tot dusver dit jaar in totaal ‘slechts’ 135 mensen werden omgebracht (bij 132 zaken). Sinds begin jaren negentig is dat aantal niet zo laag geweest.

Dat blijkt uit een eigen overzicht van moord- en doodslagzaken in Nederland. Gemiddeld worden er jaarlijks zo’n tien mensen geliquideerd. In 2013 waren dat er 18. Dat was al flink aan de hoge kant.

Het jaar 2014 telde zeker 23 liquidaties. Bij nog eens zes moorden en een verdwijning is mogelijk ook sprake van een afrekening.  Voorbeelden hiervan zijn de moorden op John Wassink en Yvon Pfaff en de verdwijning van de Belg Jelle Leemans. Die is waarschijnlijk in het Zuiden gedood om drugs. Bij de zeven zaken kan sprake zijn van een uit de hand gelopen drugsdeal of ruzie.

Wat opvalt aan de moord- en doodslagzaken van 2014 is dat het ‘minder maar zwaarder is’. Veel zwaar geweld. Grofweg de helft van de misdrijven met dodelijke afloop kent een criminele achtergrond. Het gaat dan om doden bij een gewapende bedrijfs- of woningoverval (zes slachtoffers) en afrekeningen of ruzies/uit de hand gelopen deals in het drugscircuit.

De gemiddelde leeftijd van een liquidatieslachtoffer (in 2014) is 37 jaar. De meeste halen de veertig niet. Het oudste slachtoffer (Rinus Moerer) was 68, het jongste (Mohammed Alarasi) 22.

Er zijn meerdere conflicten die hebben geleid tot liquidaties. Een actie leidt meestal tot een reactie. De meeste doden vielen in de Amsterdamse Mocro-oorlog, met topcrimineel Gwenette Martha als het bekendste doelwit.

Gintas Macionis
Gintas Macionis

Een ander cluster is een Rotterdams/Brabantse drugsoorlog, die het leven kostte aan Rinus Moerer en Rob Zweekhorst. De laatste werd per ongeluk doodgeschoten. Een buurman die erg op hem leek was het beoogde slachtoffer. Waarschijnlijk hoort ook de liquidatie van Gintas Macionis bij deze twee.

Tenslotte zijn er nog de twee moorden op Turken in Rotterdam en Utrecht. De afrekeningen die het leven kostten aan Altan Soysal en Hamdi Bilir houden zo goed als zeker verband met elkaar. Dat heeft ook de politie bevestigd.

Er worden twee oorzaken genoemd: ruzie om een verdwenen partij coke en een zakelijk geschil rond een restaurant. Ruzie over een partij verdwenen coke ligt vermoedelijk ook ten grondslag aan de Mocro-oorlog.

Voor vijf liquidaties heeft de politie één of meer verdachten opgepakt.

Hieronder de lijst met de afrekeningen. Alle personen zijn doodgeschoten. Op twee na allemaal op de openbare weg: in de auto of daarbuiten. In de komende weken volgen meer gegevens over de afrekeningen (bron: eigen archief)

Rob Zweekhorst (44), 1 januari Berkel en Rodenrijs: info

Aytas Göraler (39), 4 januari Amsterdam: info

Mohammed Alarasi (22), 20 januari Amersfoort: info

Tarik El Idrissi (31), 31 januari Amsterdam: info

Alexander Gillis (30), 20 februari Amsterdam: info

Gintas Macionis (37), 22 februari Huijbergen: info

Ernesto Pistone (33), 27 februari Eindhoven: info

Mohammed El Mayouri (30), 21 maart Amsterdam: info

Adam Cokicly (39), 1 april Eindhoven: info

Rinus Moerer (68), 14 april Steenbergen: info

Gwenette Martha (40), 22 mei Amstelveen: info

Stefan Manuel Regalo Eggermont (30), 13 juli Amsterdam: info

Derkiaoui van der Meijden (34), 18 augustus Amsterdam: info

Robert Voorhorst (48), 3 september Zwolle: info

Massod Amin Hosseini (26), 3 september Amsterdam: info

Hamdi Bilir (29), 23 september Rotterdam: info

Kelvin Hackman (onbekend), 26 september Amsterdam: info

Hans Nijman (55), 5 november Beverwijk: info

Altan Soysal (41), 19 november Utrecht: info

Samir Jabli (38), 1 december Amersfoort: info

Luana Luz Xavier (34), 8 december Amsterdam: info

Murat Garki (25), 9 december Amsterdam: info

Mohamed Boulaaouin (44), 19 december Utrecht: info

 

 

Opsporing op halve kracht (update)

Rechtbank schreeuwt om zaken
Rechtbank schreeuwt om zaken
Rechtbank schreeuwt om zaken

Lege rechtszalen en mopperende officieren van justitie. Met de aanvoer van zaken door de politie in het Noorden zit het niet goed. D66-Kamerlid Magda Berndsen erkende deze problematiek in oktober en noemde het ‘vooral zorgelijk voor de samenleving’.

In Dagblad van het Noorden verschenen twee artikelen over de haperende opsporing. Vooral de aanpak van zware criminaliteit loopt stroef. De verhalen zijn gebaseerd op gesprekken met 12 mensen op diverse posities binnen de eenheid Noord en mensen die de organisatie goed kennen en vrijwel dagelijks met de politie te maken hebben.

Lees hier de verhalen:

Opsporing hapert 1

Opsporing hapert 2

Niet bij de politie langswippen voor een reactie levert een schrobbering op internet op. Kritiek van eigen politiemensen op de organisatie die weergegeven wordt in een artikel, omschrijft de politietop Noord als ‘laatdunkend‘ gedrag van de journalist.

UPDATE: de politie heeft inmiddels het volledige persbericht verwijderd

Lees ook het hoofdredactioneel commentaar: Kritiek op een vriend

Reageren? Kan via het antwoordformulier of via mickvanwely@gmail.com