Einde steekspel Spendlove/justitie in zicht?

Het personage uit de Kubrick-film

Nieuwe ontwikkeling in OM contra forensisch specialist

Zijn naam doet denken aan de legendarische Dr. Strangelove, het karakter uit de gelijknamige film van regisseur Stanley Kubrick. Maar Dr. Spendlove is geen personage uit een film. Hij is forensisch patholoog en deskundige bij rechtszaken. Aanvankelijk ingeschakeld door justitie én advocaten, maar vorig jaar op een zijspoor gezet door het college van procureurs-generaal. De top van het OM.

De afdelingen van het OM mogen geen gebruik meer maken van de specialist in niet-natuurlijke doodsoorzaken, omdat de in Zwitserland wonende forensisch specialist onbevoegd zou zijn.  Hij staat niet ingeschreven in de landelijke artsenfederatie KNMG.

Nederland kent geen opleiding tot forensisch patholoog, alleen tot klinisch patholoog. En die studie heeft Spendlove niet gevolgd. De specialist rondde wel in Duitsland en Zwitserland een specialistische opleiding tot forensisch patholoog  af. ‘Verwarring om papiertjes’, noemt zijn advocaat Esther Vroegh het.

Dit leek allemaal eerst geen enkel probleem. Totdat Spendlove zich bij contra-expertises in opdracht van het OM kritisch uitliet over het Nederlands Forensisch Instituut (NFI). Onder meer bij de babylijkenzaak in Geleen. Spendlove zei dat het NFI onzorgvuldig was geweest en  fouten had gemaakt. Maar kritiek op het NFI ligt gevoelig. Hét forensisch onderzoeksinstituut van justitie had aanvankelijk een monopoliepositie in Nederland en drijft op overheidsgeld.

De omstreden Danny Spendlove

Spendlove wordt door de top van het OM beschuldigd van valsheid in geschrifte en misbruik van zijn titel. Maar een datum voor een zitting laat maar op zich wachten. Intussen zit Spendlove zich thuis te verbijten. Hij is in feite, zo voelt hij dat, ‘kalt gestellt’ door het OM vanwege zijn kritische houding. Wat wil het OM nou? Vroegh en Spendlove hebben al maanden niets gehoord. Ze zijn het zat.

Deze week is een brief naar het college van PG’s gegaan. Vroegh wil per direct weten van de top van justitie of er een zaak tegen Spendlove komt of niet. Blijft het stil van de kant van het OM, dan verzoekt ze de rechtbank van Rotterdam om beëindiging van de strafzaak/vervolging. Het OM is aan de beurt. Heeft de top van justitie gebluft in de hoop dat Spendlove capituleert of staat het OM sterk en laat justitie het tot een zitting komen?

Wordt vervolgd.

Bij forensisch onderzoek in de dubbele moordzaak van Leendert en Lisa van der Lei (Groningen, 1991) stelde een NFI-medewerker zich kritisch op. Deze Eikelenboom begon later een eigen bureau, IFS. Nog zo’n luis in de pels van het OM.

 

Batman & Robin for real

Van de polder even naar de Verenigde Staten. Waar veel wat niet normaal is, normaal is. Maak kennis met Phoenix Jones en Purple Reign. Een betrekkelijk nieuw fenomeen in Seattle. Met z’n tweeën bestrijden ze de misdaad. Net Batman & Robin, maar dan ‘for real’. Phoenix Jones is uitgerust met een soort Ninja Turttles outfit (een heus kogelvrij vest) en een masker. Aan zijn middel hangen een bus pepperspray en een stroomstootwapen. Mag allemaal daar in de VS. Het dynamische duo is te zien in een documentaire deze week op National Geographic. Een drugsdealer is de klos als Jones en Reign zijn pad kruisen. Als je nou door een politie op heterdaad wordt betrapt, ok. Maar door een vent in een maillot met een soort Batman masker op? Phoenix Jones & Purple Reign. Misschien wat voor Teeven & Opstelten om over na te denken.

Hier de link naar de documentaire

‘Kleine wasjes, witte wasjes’

Kleine wasjes, grote wasjes. Stop maar in de wasmachine’. Hit uit 1981. Deze broeken waren ook bestemd voor een wasserij, maar voor een heel ander type wasserij: een coke-wasserij. De exporteurs impregneren in het land van herkomst de cocaïne in kleding, briefpapier, cacao of soms zelfs schilderijen. In het land van bestemming wordt de cocaïne middels een chemisch proces in een laboratorium of cokewasserij teruggewonnen. Leuk zo’n proces, maar het geeft wel een enorm troep. De labs zijn levensgevaarlijk vanwege ontploffingsgevaar en giftige gassen. Maar goed: aan het slikken van bolletjes zitten ook nadelen..

Het einde van de boodschappenman uit de rosse buurt

Moorden gepleegd in een rosse buurt zijn vaak lastige puzzels voor de politie. Zeker als ze in een gesloten setting worden gepleegd. In een ‘peeskamertje’ bijvoorbeeld. Een prostitutiebezoeker met cruciale informatie zal zich niet zo snel melden bij de politie. Die wil liever anoniem blijven. De vaste ‘hang-arounds’ in een buurt zijn vaak terughoudend als ze in het criminele circuit zitten.

Read moreHet einde van de boodschappenman uit de rosse buurt

Geen ABC’tje

Jannie Kruys-Deen (88) werd in de nacht van 15 op 16 juni 2009 levenloos, deels ontkleed en vastgebonden in haar bed van verzorgingstehuis ABC in Meppel gevonden. Een verpleegster zag nog net iemand door het raam naar buiten vluchten. In november 2010 werden 349 mannen in Meppel en omgeving opgeroepen dna af te staan.

Read moreGeen ABC’tje

Het pleidooi: ‘appeleren is riskeren’

Mathieu van Linde

Strafrechtadvocaat Mathieu van Linde van Blokzijl Advocaten in Groningen trapt af in de gastcolumnrubriek voor advocaten, Het Pleidooi. Van Linde is de advocaat van Alasam S. In april 2011 doodde S. binnen een uur een vrouw en politieagent in Baflo en beschoot twee anderen.

In november 2010 werd Van Linde door true crime magazine Koud Bloed gekozen tot één van de tien beste jonge topadvocaten.

 

Appelleren is riskeren


In het Nederlandse bestuursrecht is ‘reformatio in peius’ verboden.

Dit is een Latijnse term die in het recht wordt gebruikt om de situatie aan te duiden dat een burger door het instellen van bezwaar of beroep er nog slechter voor komt te staan dan wanneer hij dat niet had ingesteld.

Voor het strafrecht geldt dit niet, daar geldt het adagium ‘appelleren is riskeren’.

Jaren geleden ondervond Ferdinand dat aan den lijve. Hij ging in hoger beroep tegen de beslissing van de rechtbank om 240 uur werkstraf uit te voeren. Daarnaast kreeg hij een voorwaardelijke gevangenisstraf opgelegd.

Ferdinand was het niet eens met zijn veroordeling voor ontucht met een gestoorde, zoals de kwalificatie luidde. Juridisch had hij een punt. Het was namelijk zeer de vraag of uit het dossier kon worden vastgesteld dat het slachtoffer leed aan een psychische stoornis en dat het daardoor niet of onvolkomen in staat was zijn wil ten aanzien van de gepleegde seksuele handelingen te bepalen of kenbaar te maken of daartegen weerstand te bieden. De Hoge Raad vereist dat wel.

Hoe dan ook, Ferdinand kreeg de klep flink op zijn neus. Het hof veroordeelde hem voor dezelfde feiten tot 18 maanden celstraf. Vooraf had ik hem het hoger beroep afgeraden, omdat ik de risico’s te groot vond. Gelukkig had ik dat advies ook schriftelijk vastgelegd.

Dat het ook anders kan bewees Hans.

Hans ging in appèl tegen een aantal diefstallen met braak, een poging zware mishandeling en een bedreiging. Vonnis rechtbank: 18 maanden gevangenisstraf. Bijzonder aan Hans was dat hij gedurende de gehele procedure de kaken op elkaar had gehouden. Zowel bij de politieverhoren als bij de rechtbank beriep hij zich in alle toonaarden op zijn zwijgrecht.

Ook bij het hof weigerde hij meer te zeggen dan dat hij de straf te hoog vond. Hij wilde zelfs geen toelichting geven op de vraag waarom hij de straf te hoog vond. Het bracht de advocaat-generaal tot de verzuchting:

Als verdachte het niet eens is met de opgelegde straf, verwacht ik dat hij tenminste argumenten geeft om tot een andere straf te komen. Op deze manier heeft het appèl toch geen enkele zin.

Hans zweeg. Het hof legde Hans later 16 maanden celstraf op.

Soms loopt een verdachte geen enkel risico in hoger beroep, bijvoorbeeld wanneer een levenslange gevangenisstraf of een ISD-maatregel is opgelegd. Er valt dan voor de verdachte niets te verliezen. Rachid viel in die laatste categorie. De rechtbank had hem de ISD-maatregel opgelegd voor de duur van twee jaar. Rachid zat die maatregel een aantal jaren geleden al uit, maar had nu besloten dat niet nogmaals te willen.

Het hoger beroep bleek een tenen krommende vertoning, waarover ik eerder al twitterde.

De door het hof opgeroepen getuige-deskundige van de reclassering, bleek voorafgaand aan de zitting een 10-regelig rapportje te hebben gestuurd waarin stond dat zij in samenspraak met haar leidinggevende had vastgesteld dat haar fysieke aanwezigheid ter zitting geen toevoegde waarde had ten opzichte van de eerder uitgebrachte rapportage. Desondanks moest ze verschijnen.

Ook op zitting liet de reclasseringswerker duidelijk blijken het onzin te vinden dat ze was opgeroepen. Op vragen van het hof wat er precies met de verdachte zou gaan gebeuren indien aan hem de veelplegersmaatregel zou worden opgelegd, antwoordde ze:

Ik heb geen idee”. Om te vervolgen: “Ik kan niet gespecificeerd over deze verdachte iets zeggen.” Er waren volgens haar anderen binnen de reclassering die daar veel meer over konden vertellen, maar wat precies bleef onduidelijk.

Het bracht één van de raadsheren tot de opmerking: “U stelt een rapport op, maar doet of u de verdachte niet kent. Dat u die houding inneemt er hier kauwgom kauwend en wel binnenkomt, daar heb ik moeite mee.

Uit het vervolg van het verhoor bleek dat in het rapport kruisjes verkeerd stonden. Dat was een systeemfout en kwam wel vaker voor. De administratie had dat behoren te verwijderen. Toen tot slot de vraag kwam waarom de reclassering eigenlijk had geadviseerd de ISD op te leggen, werd alles in één klap duidelijk:

Dat moest van de officier van justitie”.

Aan het eind van de zitting besloot het hof de voorlopige hechtenis van Rachid op te heffen en hem onmiddellijk in vrijheid te stellen. De reeds ondergane periode van voorlopige hechtenis was meer dan genoeg. Het laat zich raden dat het hof over twee weken niet opnieuw de ISD-maatregel zal opleggen.

Soms brengt hoger beroep dus alleen risico’s mee voor de reclassering en het openbaar ministerie. Ik hoop maar dat ze ervan hebben geleerd en niet zullen recidiveren.

Reageren? mickvanwely@gmail.com