Marianne Vaatstra

Waken voor teveel euforie in moordzaak Vaatstra (update)

Marianne Vaatstra

Er komt een dna-verwantschapsonderzoek onder de bevolking in Friesland in de zaak van de opgeloste moord op Marianne Vaatstra (1999) uit Zwaagwesteinde.  Het Friese OM  stuurde er op aan bij het college van procureurs-generaal omdat  eerder dna-verwantschapsonderzoek dit jaar in de landelijke dna-database niets opleverde. De kans op een oplossing is groot, maar pas op voor teveel euforie.

Er is al eerder regulier dna-onderzoek onder de bevolking gedaan in de zaak Vaatstra. Van 900 mensen werd toen wangslijm afgenomen.  Zonder resultaat. Dit jaar vergeleek justitie dna van de dader dat op het lichaam van Vaatstra was aangetroffen met dna uit de landelijke dna-database. Dat gebeurde met de sinds begin april toegestane dna-verwantschapsmethode.

Met de dna-verwantschapsmethode vergroot justitie als het ware het vangnet bij het dna-onderzoek. Niet alleen de drager van het dna kan in beeld komen, maar ook verwanten van de drager/moordenaar kunnen dat. Via deze verwanten kan de recherche bij de uiteindelijke verdachte komen.

Landelijk was de euforie groot toen het Friese OM in juni bekend maakte dat er nog dit jaar waarschijnlijk een

Groter vangnet met dna-verwantschapsonderzoek

dna-verwantschaps onderzoek komt onder de bevolking. Een logisch vervolg op het verwantschapsonderzoek in de landelijke dna-database, dat geen ‘hit’ opleverde. Dat laatste is niet opmerkelijk. Je kunt alleen een hit hebben als een verwante van de dna-drager een ernstig gewelds- of zedendelict delict heeft gepleegd, waardoor zijn dna voorkomt in de database.

Van doorslaggevend belang bij het college van PG’ s is waarschijnlijk geweest, dat een haar in de aansteker die werd gevonden in de tas van Vaatstra een match vertoonde met het spermaspoor op het lichaam van Marianne.

De vrij unieke aansteker, zo maakte het onderzoeksteam in het voorjaar bekend, werd verkocht in Leeuwarden en de omgeving van Marianne ’s woonplaats Zwaagwesteinde. Daarmee is, zo stelt justitie, de kans groot dat de dader uit de omgeving van Vaatstra’s woonplaats komt.

Levert een nieuw dna-rondje in Friesland een verdachte op? De kans is groter dan ooit met zo’n 8000 Friezen die de onderzoeksgroep vormen. En het is fantastisch dat de top van justitie toestemming heeft gegeven voor zo’n uniek onderzoek. Maar pas op voor te veel euforie.

Haplo-onderzoek (analyse van het dna-spoor van de dader)  heeft duidelijk gemaakt dat de verdachte uit West-Europa moet komen. Dat is een groot gebied. De kans dat hij of een familielid in de geselecteerde groep voorkomt is relatief klein.

De recherche en de ‘profiler’ die een daderprofiel maakten, gaan er vanuit dat de dader uit de omgeving van de plaats delict komt.

De moordenaar was zo goed als zeker met de fiets naar de moordplek in Veenklooster gekomen. En wie op de fiets komt woont in de buurt, zo redeneert de recherche. Ook werd het type aansteker uit de tas van Marianne werd verkocht in Leeuwarden en de omgeving van de woonplaats van Marianne.

Er is daarom gekozen voor een dna-verwantschapsonderzoek onder mensen die op 1 mei 1999 een leeftijd hadden van 16 tot 60 jaar en toen binnen een cirkel van vijf kilometer afstand rond de plaats delict woonden. Het gaat om 8080 mensen.

Maar de kans is dus heel goed aanwezig dat de dader wel uit een ander landsdeel komt. Of zelfs een ander land.

Ook als er een hit is bij een verwante, moet de recherche nog uitzoeken wie de daadwerkelijke verdachte is. Mogelijk zijn er tientallen hits, maar wordt niet duidelijk wie de drager is van het dna dat op het lichaam is aangetroffen. Door nieuw, aanvullend dna-onderzoek moet dat duidelijk worden. Het eerste verwantschapsonderzoek is in feite een soort grove zeef.

Als de dader of verwanten van de dader weigeren dna af te staan, kan de recherche via familielieden van deze weigeraars dna vragen om zo te zien of de weigeraar een potentiële verdachte is. Of een verwante van de dader. Als die familieleden ook weigeren, wordt het een lastig verhaal.

En wat betreft de aansteker. Wie zegt dat de aansteker niet buiten Friesland  is gekocht? Misschien is de verdachte wel iemand uit Groningen die in 1999 in Kollum was. Misschien lag de aansteker wel ergens op de bar en is hij door Marianne Vaatstra meegenomen. En gebruikt door de verdachte.

En: wat als de moordenaar van Vaatstra overleden is?

Rustig afwachten dus. Maar een de kans op een oplossing is met het dna-verwantschapsonderzoek groter dan ooit.

Meer over Vaatstra: hier

De dorpen die vallen in het gebied rond de plaats delict: Buitenpost, Twijzelerheide en Twijzel, Zwaagwesteinde, Kollum, Kollumerzwaag, Oudwoude, Zwagerbosch, Westergeest, Triemen, Veenklooster en Augstbuurt.